De letters ‘I Amsterdam’ zijn weg, maar nu las ik dat er ‘troosters’ komen, om de toeristen niet langer in verwarring te laten ronddolen naar hun selfie moment — dat de letters waarmee ze op airbnb en folders lekker zijn gemaakt, zijn weggetakeld ‘om de stad inclusiever te maken.’

Je weet wel, ‘Het Ding’. (Ontleend aan de film ‘The Thing’ , 1982)

‘Het Ding’ is te herkennen aan zijn karakter – vijandig, intellectueel armoedig en altijd bereid (verbaal) geweld te gebruiken. ‘Het Ding’ ging vooraf aan het ontslag van Ian Buruma, Google-klokkenluider James Damore, DDR-historicus Hubertus Knabe in Duitsland, hoogleraar Tim Hunt in Engeland, de eenzame opsluiting van activist Tommy Robinson en de zwijgende media.

Het is Donald Trump gelukt om de Amerikaanse Democratische senator Elizabeth Warren een DNA-test te laten doen — die de waarheid over haar vermeende “Native-American” achtergrond, waar ze al decennia over opschept, zou bewijzen. Een miljoen dollar zou ze van hem krijgen, als het waar was.

Ook als Alexander Pechtold was komen te overlijden, stond dat eigenlijk al langer in de planning – of was het al langer bekend geweest bij Vrij Nederland-journalisten, en had dat niets te maken met zijn bestaan als mens, maar alles met ‘het juiste moment’, “iets met over de houdbaarheidsdatum heen zijn”, zoals hij zelf zei bij zijn vertrek afgelopen zaterdag. Het voelt al als een maand geleden.

Volgens haatheks Rosanne Hertzberger gaat ‘MeToo nog lang niet ver genoeg’. Maar wie daar vraagtekens bij zet is een ‘goedzakkige Nederlandse man’, die ‘nog nooit een bil hebben gegrepen’ (de clichés, de clichés). Nou deze ‘goedzakkige Nederlandse man’ weet wel zeker dat het een beetje is doorgeschoten.

Een midweekje ‘glamping’ in het Schwarzwald, in de buurt van de Zwitserse grens. Vanaf de heuvel met de tenten loopt een blond meisje van een jaar of veertien over het pad, ze is gekleed zoals ik dat ken van andere veertienjarigen: dunnetjes. Een legging, gympen, geen jas. 

Het is onmogelijk om niet over de hoorzitting van Brett Kavanaugh en Christine Blasey Ford te schrijven, over wat ik gisteren op mijn laptop in bed bekeek. Niets minder dan een climax in een wekenlange demonische dans van kwade krachten die zich in steeds gekkere gedaantes en met steeds minder scrupules – een weg naar het hart van de Amerikaanse politiek en rechtspraak (de Senaat, de Supreme Court) probeerden te boren en de alleenmacht te heroveren. Maar die krachten werden gestopt, voor even. De Kavanaugh-kakofonie in de media over ‘slachtoffers geloven’, de mening van ‘porn lawyers’, Trump en iedereen zijn moeder’ botste ineens op een muur en vanaf die muur werd zowaar teruggeschoten, met geluiden uit de verte, komend vanachter politieke poses en formaliteiten en trucjes en spelletjes en rollen. De verklaring van Kavanaugh en zij die hem steunen waren niets minder dan levenskrachten, meer dan een ’emotionele’ verklaring van één man. Het was een strijd tegen onrecht zelf, tegen willekeur en desintegratie van een rechtssysteem, dat een eerlijk proces zou moeten waarborgen en mensen niet overlevert aan de waan van de dag. Gisteren bulderde het: “Boy, jullie (de Democraten, red.) willen de macht. God ik hoop dat jullie het nooit krijgen. Ik hoop dat het Amerikaanse volk jullie bedrog doorziet.”

Ik maak me er ook schuldig aan: een realiteit scheppen met woorden. Dat gebeurt in de regel op een goedaardige manier. Ik sta op en praat mezelf wat moed in als de rode cape in de was zit, of doe eerst een uurtje alsof ik het leuk vind om de wereld aan te treffen in nieuwsberichten en opinies. 

Het Europees Parlement. Van buiten letterlijk de toren van Babel, van binnen net een koelbox – witte wanden, ijzig licht, het aantal sterren op de blauwe vlag geeft aan dat het er flink veel kouder dan -18 graden is. Om warm te blijven moet er dus flink geapplaudisseerd worden. Zoals gisteren, toen de vertegenwoordigers met 448 tegen 197 stemmen besliste om Hongarije te straffen voor, kortgezegd, ‘het breken van de EU-regels’. Hongarije kan daarmee het stemrecht in de Raad verliezen. 

Nou, dan doe ik het maar, dan kunnen de redacties van de grote Nederlandse kranten weer op tijd aan de vrijmibo beginnen, aan het eensgezinde gekeuvel met kaasblokjes, voordat ze van het staatspropaganda-infuus afgaan en voldaan en zorgenvrij het weekeind kunnen inwalzen vol met Netflix en linkse vrienden.

Ik ga nu geheel tegen alle sociale conventies in een obligate heldenverering verstoren: de verering van elfsteden-zwemmer Maarten van der Weijden, zoals ik die vanochtend met een koud washandje op mijn voorhoofd terugkeek op de Live-blog van de NOS. Niet om wie hij is, wat hij gepresteerd heeft, of zijn motieven.