Recensie ‘De Psychologie van Totalitarisme’: Mattias Desmet verzuimt in de kwade ziel te knijpen

22 juni 2022

In zijn boek De Psychologie van Totalitarisme verklaart Mattias Desmet met grote helderheid hoe de mens uit existentiële angst in totalitaire structuren zijn heil is gaan zoeken en hoe een mechanistische, anti-humanistische ideologie zowel vat heeft gekregen op de massa als diens menners. Ik ben het echter niet eens met zijn aanname dat bewust weten of kwade wil ontbreekt in het ‘blind volgen’ van een utopistische ideologie. Sterker nog, de ontkenning van het kwaad (en het uitgaan van het goede of machteloze) is onze blinde vlek in het tijdig herkennen en wegblijven van dit destructieve systeem.

(Dit artikel verscheen 21 juni jl. op de website van Het Renaissance Instituut, 1 juli a.s. zal ik daar tijdens een borrellezing deze materie bespreken met publiek. Houdt de website van het instituut in de gaten voor kaarten.)

Iedere keer als er een publicatie verschijnt die niet in het gangbare narratief over deze tijd past, volgt er de nodige ophef (als je geluk hebt als auteur en je werk niet onmiddellijk wordt begraven uit censuurdrift). De reacties zijn altijd dezelfde: dit is geen expert, dit een complottheorie, dit is stemmingmakerij, dit is een verdienmodel. Bij het boek van Mattias Desmet was het niet anders. Toch hadden critici er nog een hele kluif aan. Desmet schreef vanuit zijn expertise als psycholoog een boek over totalitarisme, in het licht van de coronacrisis en het ontbreken van een Groter Verhaal over deze tijd. Desmet had geen betere expert kunnen zijn. Er is namelijk een reden waarom economen, sociologen, historici of juristen dit boek niét schreven. Omdat deze tijd een crisis van de menselijke psyche is, en omdat totalitarisme daarin gedijt. En omdat elke andere invalshoek het zicht op de waarheid over onze benarde situatie verder zou hebben belemmerd.

 

Zijn dieptepsychologie kun je evenmin een complottheorie noemen, omdat totalitarisme als theorie nu juist uitgaat van de afwezigheid van een complot. De drijvende, destructieve kracht – ‘het geheime plan’ – is de massa zelf, die onder hypnose een collectivistisch, mechanisch ‘brein’ wordt dat blind volgt (en vaak overtuigd is van zijn gelijk) en geen weet heeft van de verwoestende consequenties.

 

Het lijkt erop dat critici van Desmet en ‘totalitarisme-ontkenners’ in het algemeen de diagnose ‘totalitair’ ongrijpbaar en absurd vinden; iets wat absoluut geen plek heeft in het ‘vrije, democratische Westen’. Het is een term die je hooguit als eufemisme gebruikt om doemscenario’s te omschrijven (“Trump toont ons zijn totalitaire mentaliteit”). Een spook uit de twintigste eeuw, een niet met onze sterk ontwikkelde ego’s te verenigen zelfbeeld. Maar Desmet bewijst overtuigend dat het even ongrijpbaar is als accuraat. Die ongrijpbaarheid is immers eigen aan totalitarisme, omdat het by design de mensen een blinddoek omdoet en ze laat dwalen over hun mentale vermogens en de wereld om hen heen. Massavorming speelt daarin een bepalende rol.

U mag gratis verder lezen. Dat blijft ook zo. Deze website is wel afhankelijk van uw donaties. Steun ook vrije journalistiek in deze tijd van het Nieuwe Normaal. Wat normaal is bepalen wij samen. Onderaan dit artikel kunt u mij financieel steunen, waarvoor dank.

Ook psycholoog Gustav Le Bon, waar Desmet naar verwijst, schreef in 1895 in zijn De psychologie van de massa dat de mens in massaal verband optreedt conform de intelligentie van de minst intelligenten in de groep. “In de massasituatie is de individuele persoon lichtgeloviger en ook vatbaar voor propaganda en massapsychoses”. Die persoon doet wat al besloten ligt in het traject, gaat op in het ideologische raderwerk en vaart welwillend of gelaten mee in de logische eindconclusie: de destructie van het bestaan zelf.

 

Met betrekking tot de coronacrisis verklaart dit volgens Desmet hoe “het onvoorstelbare werkelijkheid werd: er ontstond in een mum van tijd een wereldwijd maatschappelijk draagvlak om het voorbeeld van China te volgen en een groot deel van de wereldbevolking onder feitelijk huisarrest te plaatsen. (…) En daar bleef het niet bij. Virologen-experts werden opgeroepen als de varkens van Orwell – de slimste dieren van de boerderij – om de onbetrouwbare mensen-politici te vervangen. Zij zouden de dierenboerderij met correcte – wetenschappelijke – informatie leiden in tijden van pest”.

 

De oplettende lezer zal zeggen: wie riep die slimste varkens van de boerderij dan op, en wie zitten er dan achter die propaganda? Hoe kun je gehypnotiseerd raken zonder hypnotiseur? Volgens Desmet zijn ook de menners van de massa, de leiders en propagandisten, zelf-gehypnotiseerd”. Niemand lijkt dus de leiding te nemen, of de volledige controle te hebben, en toch is er sprake van een totale controle en beheersing van buitenaf op ons individuele leven. Een stuurloos schip op weg naar de ijsberg.

 

In het boek wordt de oorsprong van de crisis die het totalitaire systeem ‘bezielde’ (met steeds een nieuw object van angst: de terrorist, de populist, klimaatopwarming, corona) toegeschreven aan het verlies van een Groot Verhaal over onze tijd. “We hebben ons hele mens- en wereldbeeld gevormd naar ons geloof dat we op basis van ratio een utopische maatschappij kunnen creëren”, schrijft Desmet. Deze overmoed leidde ertoe dat de wetenschap het richtinggevende principe werd en gaandeweg ethische en morele keuzes, religie en de wereld van de verhalen en de vormen achter zich liet. Met alle gevolgen van dien.

 

Desmet ziet vanwege deze dieperliggende oorzaken geen kapiteins op het schip. Dus ook Mark Rutte, Klaus Schwab, Bill Gates, Ursula von der Leyen, Justin Trudeau, Emmanuel Macron, en al die andere figuren die met één mond lijken te spreken en ons zonder ‘plan’ naar een nieuwe horizon leiden, zijn volgens Desmet net zo goed geatomiseerde subjecten gevangen in een mechanistisch-materialistisch wereldbeeld. Desmet: “Wat de menners van de massa kenmerkt, is niet hun geldzucht of sadisme, maar hun morbide ideologische gedrevenheid: de realiteit moet en zal worden aangepast aan de ideologische fictie”. Als we Desmet op dit punt moeten geloven, is het dus bijna onmogelijk om nóg verder weg te blijven van complottheorieën als je het beleid rond de meest recente crisissen als totalitair duidt. Het is dé ultieme anti-complottheorie.

 

Daar komt nog bij dat Desmet een duidelijk onderscheid maakt met het ‘bendeleiders’-totalitarisme van de twintigste eeuw, waarin er (weten we nu) wel degelijk geheime plannen werden gesmeed om hele bevolkingsgroepen uit te roeien (hoewel hij ook deze plannenmakerij wat minder overtuigend probeert te wijden aan de zelfhypnose van de bendeleiders). Hiervoor ziet Desmet blijkbaar nu geen aanwijzingen en hij bekritiseert het complotdenken dan ook als zodanig. Hij ziet dat denken als de keerzijde van massavorming: een neiging door te slaan in het tegenovergestelde. “Complotdenken leidt ook steevast tot ontmenselijking van een bepaalde groep”, schrijft hij. Een nogal stevige bewering, die wankelt in het licht van zijn beperkte definitie ervan en de voorbeelden die hij noemt waarin mensen in het verleden als complotdenkers werden weggezet maar toch gelijk bleken te hebben. Onder andere getuigen van de vernietigingskampen.

 

Feit is dat de overall deskundigheid en intellectuele integriteit van Desmet niet kunnen voorkomen dat het object van zijn onderzoek, de samenleving in psychologische zin, op hem reageert zoals je op basis van zijn analyse zou verwachten. De massa wijst hem af, de ‘wakkeren’ omarmen hem en willen wereldwijd met hem spreken in interviews, podcasts en films. Desmet is als de bioloog die het energetisch veld van een zwerm spreeuwen beschrijft en die tegelijkertijd voorbij ziet trekken in de publieke reacties op hem. De synchrone en vloeiende beweging van het regelapparaat in overheid, media en academie houdt de zwerm bij elkaar, voorkomt botsingen en aanvallen van roofdieren. Een voorbeeld: op de site van de VPRO lezen we een interview met Desmet. In een apart katern wordt nog even extra vermeld dat Desmet “in dit artikel niet wordt behandeld als een corona-expert, maar als psycholoog die groepsgedrag analyseert” en dat zijn ideeën “gevaarlijk” zijn genoemd.

 

De VPRO laat dus in het midden of zij dat ook vinden, maar duidelijk is dat Desmet gepositioneerd moet worden als een buitenstaander. Het hele interview is een reflectie daarvan. Desmet is duidelijk niet de spreeuw die in de zwerm meevliegt. En alleen zo wordt de zwerm ook zichtbaar. Dat is ook de reden dat Desmet aan het einde van zijn boek nadrukkelijk oproept zoveel mogelijk de waarheid te spreken: om zichtbaar te maken wat van binnenuit niet meer zichtbaar is.

 

Het beeld van de spreeuwen (dat ook even voorbijkomt in het boek) is natuurlijk een te romantische voorstelling van de massavorming in deze tijd. De natuurlijke, biologische wereld heeft er weinig mee van doen. Desmet heeft het dan ook over een “raderwerk van experts, media en politici, een geoliede machine die afhankelijk is van voorspelbare en vastomlijnde ideeën en handelingen”. Kritiekloos en gedachteloos moet het regelapparaat worden bediend en gevolgd, aan de hand van een mechanistische ideologie die niet verder af kan staan van het Verlichtingsideaal. Dat laatste ideaal, het optimistische en energieke streven van de mens om de wereld te begrijpen, zijn we volgens Desmet geheel verloren.

 

De onmogelijkheid voor ‘de gehypnotiseerden’ om te zien dat de samenleving totalitair is, of totalitaire trekken vertoont, is dus het wezenskenmerk van dit systeem. De gedachte en het idee dat we in deze nieuwe zwarte periode zitten waarin iedereen “naar het zwartste punt toeloopt” zou niemand die bij zijn volle verstand is kunnen verdragen. Volgens Desmet zitten wij in “een vicieuze cirkel van angst, controledrang en de radicale destructie van de psychische en fysieke integriteit van het menselijk wezen”.

 

Het is onmogelijk om de bewijzen hiervoor in de samenleving te missen. Zeker nu aan de vooravond van de zoveelste lockdown, die zonder schroom of reflectie weer is aangekondigd, alle radertjes weer gaan draaien om strategieën, plannen en adviezen uit te rollen. Neem de horeca in Nederland. Na alles wat ze al hebben doorstaan smeken ze niet om vrijheid en gezond verstand, maar om duidelijkheid, om regels en om een “visie”.  Van boven welteverstaan. Het is niet voor niets dat de overheid opzichtig om “eigen verantwoordelijkheid” vraagt. Dat is nou juist wat de mensen in de jungle van regels en strikte moraal niet meer kunnen opbrengen. Die oproep doet hun oneigenlijke verlangen naar meer controle, meer zekerheid en meer veiligheid juist toenemen.

 

De gevolgen van dit alles zijn dramatisch en schrijnend en het einde is nog lang niet in zicht. Voor elke leugen waar het massabrein in is gaan geloven (“prikken om uit de crisis te komen, thuisblijven voor de ander, van het gas af tegen Poetin, geen vlees en melk meer vanwege het klimaat”) komen er nog tien bij die de oerleugen in stand moeten houden. De massamens komt zo ook nooit ergens ‘op uit’, maar moet steeds opnieuw het ritje op de draaimolen maken om nog enig bestaansbesef te hebben. Die (ontoegankelijke) waarheid creëert vervolgens meer angst. Want er is geen verlossing in zicht. Die verlossing moet wel ergens vandaan komen, maar wordt gezocht buiten onszelf; in de overheid, in ‘de wetenschap’, in een allesomvattende ideologie die er vooral in bestaat ons niét te bevrijden van angsten, onzekerheden en morele geboden.

 

Vriend en vijand kunnen niet anders dan vaststellen dan dat er blijkbaar ‘iets’ is wat het definitief lijkt te hebben overgenomen. ‘Iets’ waar de mens zelf geen controle meer over heeft. Zoals Desmet het zegt: “de mens resoneert niet langer met de wereld rondom hem, iets verandert het menselijke wezen in een geatomiseerd subject. Het is precies in dit subject dat Hannah Arendt het elementaire bestanddeel van de totalitaire staat herkende”.

 

Ik kom toe aan mijn kritiek op het boek. Dat een onwetende, blinde massa in een totalitair systeem in staat is tot de meest gruwelijke misdaden is een feit van algemene bekendheid. Maar die uitleg is ook bedrieglijk en onvolledig, omdat geld- en machtszucht, sadisme en psychopathie bij uitstek floreren in totalitaire systemen en omdat psychopathie, in tegenstelling tot wat veel mensen denken, wel degelijk een bewuste staat van ‘zijn’ is. Kwade motieven (genieten van het toebrengen van leed, controle uitoefenen over anderen en wraak nemen op het leven zelf) krijgen bij uitstek kans ongestraft te blijven in een samenleving waar geen correctie meer is, waar geen ‘natuurlijke’ botsing op de realiteit meer bestaat, omdat die gefingeerd is.

 

Waarom laat Desmet dit buiten beschouwing? Ik denk om drie redenen. In de psychologie bestaat al sinds jaar en dag het geloof dat de mens ‘goed geboren wordt en slecht gemaakt’. Om de eenvoudige reden dat de psychologie anders aan bestaansrecht verliest. Aan mensen moet je kunnen sleutelen. Dit zie je het sterkst terug in het strafrecht, waar resocialisatie, behandelingen, TBS, voorwaardelijke straffen, proeftijden en rechtvaardigingsgronden aan de orde van de dag zijn. De mens is het resultaat van zijn omgeving of ‘dingen die hem overkomen’: een slechte jeugd, een verslaving, de maatschappij zelf. Er is niets mis met deze leer van ‘de tweede kans’, maar de consequentie daarvan is dat het oordeel over goed en kwaad naar de achtergrond is verdwenen. Zoals ook ons begrip van hoe gewetenloze actoren dit geloof uitbuiten en naar hun hand zetten. In de gevangenis zitten meestal geen psychopaten, maar eerder mensen die niet de kunst verstaan van het systeem misbruiken om heiliger dan heilig te lijken, die niet in de top van het bedrijfsleven, de politiek of de media zitten en misbruik maken van het vertrouwen en de goedheid van anderen.

 

Ten tweede komt Desmet niet toe aan het verantwoordelijk houden van sleutelfiguren omdat de afwezigheid van enige kwade opzet in het totalitaire systeem logischerwijze uit de analyse zelf volgt, zoals ik hiervoor al aangaf. De massa in een totalitair systeem ontneemt het individu diens verantwoordelijkheid, dus ook de menners, die tegen hun bewuste wil opgesloten zouden zitten in een waan. Zoals ik al aangaf is dit onvolledig omdat het evengoed logisch is dat het verlies aan verantwoordelijkheid vooraf ging aan het opgaan in de massa. Op welk moment en in welke staat besluit een moordenaar zijn vijand te doden? Desmet zegt eigenlijk: op het moment dat iemand hiertoe overgaat is hij eigenlijk al gek, willoos, want welk mens zou een ander willen doden? Daarom wordt in de praktijk altijd naarstig naar verklaringen gezocht voor het ‘banale kwaad’ van de bureaucraat, voor de ‘morbide ideoloog’, die in feite ook weer passen in dat mechanistische wereldbeeld van de maakbare mens; de mens met weeffouten. Het miskent het bewuste weten dat altijd vooraf gaat aan het opgeven van verantwoordelijkheid voor individuele keuzes. De menselijke psyche en geest zijn zeer wel in staat ons daar constant aan te herinneren; via de gevoelens van haat die worden aangewakkerd, via de wet van de projectie (het spiegelen van eigen tekortkomingen aan anderen), het emotioneel uithalen in het licht van de waarheid en het constant moeten liegen over van alles. Het is wel degelijk een zelfgekozen hel.

 

Tot slot is er het maatschappelijk taboe op psychopathie als organiserend principe. Psychopathie is een persoonlijkheidsstoornis van de ergste soort, waarbij de gewetensfunctie geheel ontbreekt. Wat minder bekend is, is dat psychopaten wel degelijk weten wat ze doen en het verschil tussen goed en kwaad kennen. Ze vinden alleen dat de regels niet voor hen gelden. Psychopaten parasiteren op het gevoelsleven van anderen, bij voorkeur in posities van macht en wakkeren ook psychopathie in anderen aan, als overlevingsstrategie. Naar mijn mening lijdt het geen twijfel dat dit een (misschien wel bepalende) rol speelt in de vernietiging van onze samenleving. Hierover heb ik vaak verschil van mening met mensen en het belangrijkste struikelblok is altijd het ongeloof dat “een paar slechteriken” hiermee weg zouden kunnen komen. Ze komen ermee weg omdat wij denken dat iedereen een groot kwaad zou herkennen en ertegen zou optreden, maar dat laatste is nu juist wat in een totalitair systeem als eerste sneuvelt: de gave te herkennen wie er nog gewetensvol handelt en wie niet. Het collectieve geweten is als het ware versmolten met de ideologie, omdat die laatste alle antwoorden al in zich zou dragen, ons lot al voor ons heeft bepaald en de weg terugvinden uit de hel van de massa een bijna onmogelijke, ondraaglijke taak is geworden.

Tot slot enkele hoopvolle woorden: het totalitaire systeem is vanwege zijn aard onhoudbaar. De realiteit is niet weg te maken, hoe groot het geweld ertegen ook is. Maar de weg terug is via de individuele verantwoordelijkheid, de waarheid en het herkennen en ontmaskeren van de menners die het meeste geïnvesteerd hebben om ons van iets anders te overtuigen.

20 Reacties

  1. riet okken

    goede kritiek Sytske.. je verwoordt waarom ik het boek van de Smet nog niet ter hand heb genomen. Het is me te fatalistisch wat ik in interviews zoal hoorde. ben met je eens dat hoewel de massa een eigen dynamiek kent, zoals Mattias beschrijft, we de individuele verantwoordelijkheid overeind moeten houden, zeker voor de zogenaamde politieke leiders in deze wereld.
    Ook al zie ik als psychotherapeut uiteraard de diepere dynamieken achter wangedrag, toch blijft een ieder verantwoordelijk voor zijn gedrag.
    dank voor je artikel.
    Riet. Okken, klinisch psycholoog/ psychotherapeut

    Antwoord
    • Eddie

      Ik begrijp uw overwegingen omdat het over uw vakgebied gaat, maar voor een leek zoals ik was het boek zeer verhelderend, mevrouw Okken.

      Antwoord
  2. Jan Versteeg

    Hi Sietske., een prachtig artikel heb je geschreven. Ik volg meneer De Smet enigszins. Ben echter een non-believer v.w.b. massahypnose m.b.t. Corona . Geloof m.b.t. de Corona-casus in massa-volgzaamheid vanwege o.a. bang voor groepsuitsluiting, brave burger willen zijn, politieke correctheid, angst voor baanverlies en dat soort dingen en misschien ook nog n paar mensen die echt bang zijn besmet te raken.

    Antwoord
  3. DonQuijotte

    Nog niets gelezen maar dankbaar weer van je te horen Sietske.

    Antwoord
  4. Pieter Jan Bakker Zandbergen Nzn.

    Tsja Sietske, ik heb je al eerder gesteund met wat pecunia en zal dat nu ook weer doen. (in december word ik 80, Deo volente).
    Jouw verhaal ga ik eerst nog eens 3x doorlezen voor ik “überhaupt” denk te kunnen reageren.
    Wie weet?

    Ooit voer ik met mijn platbodem (met toffe bemanning) o.a. ook naar Enkhuizen en dronk uiteraard een ‘oorlam’ in de Drommedaris.
    Waar je vlakbij woont begreep ik.
    Eén van de bemanningsleden viel toen afloop van ons bezoek aan de plaatselijke chinees in de haven.
    Met moeite hebben we hem weer op de vaste wal weten te krijgen.
    Vanaf die kade is het nogal diep zoals je weet.
    Tussen wal en schip raken loopt helaas vaak slecht af!

    Volg blck.bx intensief
    Ben trots (en blij) op jouw inbreng

    Antwoord
  5. Rob Esveldt

    Een tijd geleden was op Twitter door de splijting van de bevolking een burgeroorlog een mogelijkheid, er waren zelfs mensen die zeiden al helemaal klaar te staan om anders denkenden aan te pakken.

    Met betrekking tot het afhankelijk zijn van mensen aan de overheid, zag je ook goed op Twitter. De overheid moet het regelen, de mensen zelf moesten aan het handje worden gehouden.

    Dat aan het handje houden zie je ook aan de relatie die we hebben met de EU.
    Tijdens de BREXIT waren mensen vreselijk bang en dat terwijl ze daarvoor eeuwen lang zonder de EU konden.
    Ook in Nederland zag je die tendens, mensen zijn bang om zich los te maken van de EU.
    Het is nu onderhand zover dat niet alleen de burgers, maar ook de regering bij het handje van de EU gehouden moet worden, want anders kunnen ze niet functioneren.

    De regering wijst tenslotte niet voor niets steeds naar de EU, daar moet de beslissing vandaan komen.
    De regering is verlamd geraakt en al helemaal met een compleet visieloze premier.
    Zelf beslissen, laat staan echt tegen de mores van de EU ingaan dat durven ze niet meer.
    Zo kan je nooit een behoorlijke toekomst opbouwen voor het land.
    Je ziet dan ook dat we van de ene crisis in de andere crisis terecht komen.
    Oplossingen komen er niet, want ze wachten op instructies van de EU.

    En dat is gelijk wat er mis gaat, de EU bestaat voor het overgrote deel uit socialisten.
    En socialisten komen nooit met echte oplossingen, nee het zijn mensen van pappen en nathouden.
    Het zijn slechte heelmeesters, die stinkende wonden achterlaten.

    Antwoord
  6. H. Schinkel

    Heldere tekst weer, tot en met de hoopvolle woorden ter afsluiting.
    Het totalitaire systeem is vanwege zijn aard onhoudbaar.
    Dat klopt wel, maar er zijn wel wat verschillen. Het derde rijk was over zijn houdbaarheidsdatum heen na een jaar of twaalf, de USSR na een jaar of zeventig. Maar als je het christendom ziet als een totalitair systeem heeft het tot de verlichting geduurd eer de glans van de Optimaten, met hun opvolgers in Rome verbleekte.
    Geweld tegen de realiteit kan het heel lang volhouden.
    Voor het herkennen en ontmaskeren van de menners die het meeste geïnvesteerd hebben om ons van iets anders te overtuigen moeten de ketters nog geboren worden.
    Vooralsnog mekkeren we over het verlies van “onze vrijheden” die we aan onze voorouders te danken hadden, terwijl we tegelijkertijd onze homeland security gegarandeerd willen zien door onze overheden, die niet veel anders kunnen dan ons tracteren op Ongekend Onrecht.
    We lijken te veel op die oude Romein die aan zijn Keizer schreef waarom hij niet meer werk maakte van het handhaven van de oude goden. Nostalgisch. Onmachtig.
    Terwijl wij ons gezicht afwenden van die Moloch die dagelijks voelbaarder onze toegevoegde waarde opvreet, die enkelingen die zich dagelijks buitensporig dikker en dikker maken en wij het niet begrijpen.
    Macron met Rutte, Kaag en Kuipers, zijn daarbij maar kukels.

    Antwoord
  7. Karin Henschien

    Ik heb het boek en de gesprekken met Mattias Desmet met aandacht en liefde gelezen en gevolgd.
    Ik ben hem dankbaar voor de inzichten die hij mij gegeven heeft en nog steeds geeft.
    Het heeft mij meer begrip gegeven waar veel van de mensen om mij heen in terecht zijn gekomen. Ik snap beter wat er gaande is en speelt.
    Ik ben milder èn ik geloof dat wij allen verantwoordelijk zijn voor onze daden.
    Daarnaast geloof ik ook dat er kwade krachten zijn, ook in mij zelf, al herken ik deze misschien niet altijd.
    Die kwade krachten zijn er en hoe moeilijk ook het is van belang dat we die aankijken, onder ogen zien.
    Kort gezegd ben ik zowel blij met de inzichten van Mattias Desmet, als die van jou.
    Dank.

    Antwoord
  8. Jan Pieters

    Mooi stuk. Heb je het stuk al voorgelegd aan Mattias? Het lijkt me waardevol om met hem hier eens over van gedachten te wisselen. Wellicht dat we hier weer wat moois uit kunnen halen.

    Antwoord
  9. robvdz

    Ach ja, de VPRO. Dat was destijds een baken van kennis hoe de ‘hazen lopen’ dankzij de geweldige humor van Kees van Kooten en Wim de Bie die zich nu vol afschuw zouden vervullen met de flapdrollerij van Arjan Lubach. De VPRO is allang geen baken meer voor de andersdenkenden.
    Maar vanaf het moment dat er sprake was een omvangrijke ziekte wist ik dat het twee kanten uit zouden kunnen gaan. Sinds jaar en dag heb ik ook met internetradioprogramma’s gewag gemaakt van het bestaan van de Nieuwe Wereld Orde en de mogelijkheid dat dit doorgedrukt kan worden dankzij de afwezigheid van bewustwording en zijn binnen de massa. Na het termijn waarbinnen je mag verwachten dat een overheid een deugdelijke analyse en plan maakt om deze sociale aanval het hoofd te bieden, zag ik al de tekenen die mij wezen op de’zet’ van de NWO en wist ook direct dat dit het plan van Lucifer moest zijn. Dit werd bevestigd door de ‘enige weg’ uit het moeras middels een prik.
    Inmiddels weet ik al zoveel over de aard van de prik en dat dit een directe relatie heeft met de werken van satan. En nog steeds zie ik mensen wegkijken als ik het duistere in verband leg met Lucifer. Het is de onherroepelijke breuk met de Schepper als eenmaal het gif het lichaam is binnengedrongen. Wat ik nu weet is dat zelf na de dood de re-incarnatie is verstoord en dat het lichaam is afgestaan aan entiteiten die langs die weg een entree krijgen naar Aardse terreinen. ‘T heeft geen bijzondere vaardigheid nodig om te zien dat de toneelspelers van dit stuk een heel duistere eed hebben afgelegd. Memento Mori

    Antwoord
  10. Paul de Bruijn

    Dank voor je heldere beschouwing van het boek van een integere wetenschapper.

    Ik weet niet wat ik van de huidige situatie moet vinden, hoe ik het moet duiden, historisch moet inschalen. Waar op de tijdlijn van onze recente geschiedenis hoort dit wat wij nu meemaken precies thuis? Ik weet het niet.

    Ik ben lang gids geweest in Berlijn en mijn oriëntatie op dat land en die stad maakt een vergelijk met de jaren dertig voor de hand liggend. Zeker als bepaalde groepen in Duitsland zelf deze vergelijking maken. Een aantal oud-inwoners van de DDR hebben gezegd dat deze repressieve tijd heftiger is dan die van de ook niet bepaald vriendelijke DDR. Ik kan gezien mijn Nederlandse afkomst geen van beide vergelijkingen bevestigen noch ontkennen.
    Is het massapsychose zoals Matthias stelt? Of ‘gewoon’ angst om buiten het voorgeschreven narratief te treden?

    Een ding is duidelijk: dit collectieve psychodrama is goed voorbereid. Velen is ontgaan dat bij de eerste toespraken van vrijwel alle regeringsleiders van Nederland tot Nieuw Zeeland, van Canada tot Frankrijk, het virus gelijk werd aangekondigd met het Nieuwe Normaal, ‘oude tijden keren niet meer terug’. Als ik dit weer opschrijf stijgt de bloeddruk, het kwaad heeft het slecht met ons voor. En de schrik zit er bij mij goed in hoeveel moedwillige en ook nietsvermoedende handlangers deze verstoring van onze samenleving uitvoering geven.
    In dit opzicht gaat de vergelijking met de DDR (de verklikkers in vrijwillige dienst van de STASI) of met de jaren dertig toen Duitsers ‘gewoon’ Joden verraden wel degelijk op.

    Het zijn kwade tijden en alleen moedige mensen kunnen ons uit deze boosaardige greep van een kliek van belanghebbenden bevrijden. Daarin schiet de analyse van Matthias inderdaad te kort: het kwaad bestaat en is van vlees en bloed.

    Antwoord
  11. John Tuinman

    Hi Sietske, zegt Mattias dan dat de gehypnotiseerde leiders geen verantwoording zou dragen? Ik heb het boek. Zou je voor mij kunnen aanwijzen waar dat in het boek staat? Het zou erg interessant zijn als er een dialoog tussen Mattias en jou zou plaatsvinden. Kan dat niet op blckbx of cafe weltschmerz plaatsvinden? Ik hoop echt dat dat gaat komen!
    Ik waardeer je scherpe analytisch vermogen. Mooi.

    Antwoord
  12. Dienand Christe

    Wederom een goed artikel van je over het laatste boek van Matthias Desmet waarin hij de psychologie van het totalitarisme analyseert. Hoewel ik zijn boek niet heb gelezen ben ik wel enigszins bekent met zijn denkwijze. Het zal je dan ook niet verbazen dat ik jouw milde kritiek begrijp en ook voor een belangrijk deel onderschrijf, geloof ik.

    Je merkt misschien aan mijn formulering enige aarzeling van mijn kant. Deze is te verklaren door het feit dat ik vind dat je het onmiskenbaar goed kan verwoorden maar niet altijd even toegankelijk – lees: makkelijk geschreven. Dit zorgt bij mij in ieder geval voor een permanent ongemakkelijk gevoel van ‘of ik het wel helemaal goed heb begrepen’.

    Dit kan te maken hebben dat ik enkel de HAVO heb gehaald (weliswaar met pretpakket) en een academische kunstopleiding in Rotterdam heb genoten en, niet onbelangrijk, ik uit een hardcore PvdA nest kom, mijn moeder na haar scheiding de sociale academie heeft gedaan, (te) regelmatig accordeon speelde (voornamelijk driekwartsmaten) van ‘tejater’ hield en mij en mijn zus veelvuldig meenam naar experimentele voorstellingen van diverse soorten die in ieder geval gemeen hadden dat ze ongeschikt waren voor kinderen zoals ik. (Mijn trauma in een notendop?)

    Afijn, ik heb, denk ik, er in ieder geval zoveel van begrepen dat ik mij waag aan een reactie of antwoord op jouw artikel, in het beste geval zou ik willen spreken van een korte aanvulling op, en in het slechtste geval van slechts mijn persoonlijke mening. In ieder geval heeft het mij in beide gevallen geïnspireerd tot overdenken.

    Vraag me niet precies waarom, ik kan het ook niet bewijzen, maar ik heb stellig de overtuiging dat er inderdaad iets bestaat als ‘het kwaad’. De absolute, voor normale mensen niet te bevatten, slechtheid van de mens in zijn meest pure vorm. Deze zien we terug in ‘erkende’ slechterikken als o.a. een Stalin, een Hitler, een Pol Pot maar ook een eenvoudige Ted Bundy kon er wat van (kijktip: fascinerende documentaire over hem op Netflix! De beste psychopaat ever, helemaal volgens het boekje).

    Zonder direct in de complot hoek te duiken, hoewel daar natuurlijk niets op tegen is, ben ik van mening dat het kwaad, het letterlijke bloeddorstige kwaad, al bestaat zolang de mensheid er is. Waar dat vandaan komt of zijn oorsprong in heeft dat weet ik niet maar ik sluit niet uit dat het te maken heeft met een kosmisch principe als, licht contra duisternis, wit en zwart, yin versus yang etc. Alsof het kwaad, of dat zich als zodanig manifesteert in al zijn verscheidenheid, nu eenmaal onderdeel is van het leven zelf net als de eeuwige (?) strijd daartegen.

    De vraag naar het nut ervan – “Waarom is er zo veel ellende op aarde? Waarom?!” – daar kan ik alleen maar verwijzen naar het eerder genoemde kosmische principe. En eerlijk gezegd, ik heb ook geen idee hoe je dat bestrijdt. Behalve dan op het juiste moment bevechten waar nodig en een soort algemeen gezond verzet ertegen. Ieder op zijn eigen manier en naar eigen vermogen. Maar dat weten we allemaal al.

    Wat we niet weten is het mechanisme achter het kwaad. Hoe het komt dat het kwaad zich maar van vader op zoon, van generatie op generatie als het ware maar blijft voortwoekeren? Een van de mogelijkheden is volgens mij dat het te maken heeft met het niet verwerken van trauma. Dat zolang als een bepaald trauma niet verwerkt wordt, het keer op keer weer wordt doorgegeven. Zowel op individueel, groeps als kosmisch niveau.

    Soms als ik zin heb om mensen lichtelijk te irriteren dan probeer ik deze te verrassen met de vraag: wie zou je het liefst NIET willen zijn? Want ik kan mij situaties voorstellen dat het mij nog erger lijkt om de beul te zijn dan het slachtoffer.

    Stel je voor je bent Adolf Hitler en op een goede dag sta je voor een spiegel en zie je in een bijzonder helder moment welke verschrikkingen jij, Adolf Hitler (ik dus), allemaal teweeg hebt gebracht? Zie daar dan nog maar eens mee te leven of een vorm voor te vinden – zelfmoord? (wanneer, hoe en waar?), boetedoening? (hoeveel is een mensenleven waard?) of voldoet een openbare vernedering ook al? Een ondragelijke last lijkt mij. Misschien is de zwaarste straf in dit geval nog wel je leven lang deze last te moeten meedragen. (Dit gaat natuurlijk in principe op voor bijna elke fout die je maakt in je leven en iedereen die behept is met enige zelfreflectie. Zo is bijvoorbeeld bij mij de angst groter dat ik zelf iemand aanrij met een auto, dan dat ikzelf word aangereden).

    Aan de andere kant kun je ook beargumenteren dat, weer ruim kosmisch bezien, ieder persoon hier op aarde zijn rol speelt. En dat je daar niet of niet zoveel in te kiezen hebt of je die van slachtoffer moet spelen of die van executeur. Maar goed dit gaat uit van deterministische denkwijze waar menig psychopaat dankbaar gebruik van zal maken.

    Een deterministische vise op het leven gaat natuurlijk helemaal over de vraag of wij mensen een vrije wil hebben of dat alles nu eenmaal voorbestemd is (even los van de vraag wie of wat dat dan zou hebben bepaalt). Zoals gezegd vindt het kwaad natuurlijk een perfect argument om zich te verschonen en dat kunnen wij, de mensheid, nooit toestaan want dan is het einde zoek. Daarom is straf ook functioneel maar straf gaat uit van corrigeren, verbeteren en leren. Maar soms lijkt het kwaad zich zo diep genesteld te hebben in de psyche van een persoon, dat er letterlijk een wonder voor nodig is om dat trauma op te lossen. En dat wonder kan niet bestaan uit eenvoudigweg een straf, hoe zwaar deze ook is.

    Ik heb ooit eens een aangrijpende documentaire gezien over het beruchte kamp S-21 van de Khmer Rouge ten tijde van Pol Pot. Er werden daarin kampbeulen bevraagd door slachtoffers van zijn bewind. Er was echter een beul, zelfs een van de beruchtste, die alles wat hem ten lastte werd gelegd ruimhartig toegaf en eindigde met een diep doorvoelde spijtbetuiging. En het oprecht doorvoelen van wat hij allemaal voor vreselijks had uitgehaald met zijn slachtoffers was onmiskenbaar (‘zaken’ die ik expres niet noem, te wreed, te gruwelijk). Ook compleet met oprechte emoties en lichaamstaal, alles maakte duidelijk ook aan de slachtoffers dat deze beul nu op dit moment, nu hij zag wat voor verschrikkelijks hij anderen had aangedaan, geen enkel gevaar meer was, voor niemand. Hij accepteerde ook onvoorwaardelijk elke mogelijke straf en smeekte dus ook niet om genade. Daardoor werd het des te moeilijker om hem te veroordelen en te straffen. Je zou zelfs met rede kunnen beargumenteren dat hijzelf ook een slachtoffer was van de situatie waarin hij was beland. In de Boeddhistische cultuur kan zo iemand dan ook onvoorwaardelijk vergeven worden. Want wat is er dan nog te straffen? Het enige dat overblijft als reden is dan vergelding. Toeval of niet deze beul was helemaal, geloof ik, tot het Christendom bekeerd en zeg maar gerust, ‘had het licht gezien’. Saved by the bell, oftewel hij had net op tijd zijn trauma weten te verwerken.

    Ik wil maar zeggen zeg nooit: nooit, hoe moeilijk dat soms ook kan zijn. Er is altijd hoop om het kwaad te overwinnen. Dat is ook wat Mattias Desmet in feite zegt als hij het heeft over dat het altijd zin heeft om je uit te spreken, als vorm van geweldloos verzet tegen totalitaire maatregelen, hoe klein en onbetekenend dat ook mag lijken.

    Dat het kwaad uiteindelijk het loodje moet gaan leggen daar ben ik van overtuigd. Want dat het kwaad niet eenduidig is maar bestaat uit evenzovele facties als er soorten van kwaad zijn, staat voor mij vast. Een typisch kenmerk van het kwade is namelijk dat ze elkaar onderling ook bevechten. Om allerlei redenen zullen deze mensen net zo makkelijk elkaar een dolk in de rug steken als dat een voordeeltje oplevert. Want de grote drijfveer dat deze groep mensen met elkaar verbindt is immers alleen maar het eigen belang. Zolang iedereen van deze groep erop vooruitgaat -hetzij door financieel voordeel, meer roem of macht – is er niets aan de hand. Alleen zodra er iets fout gaat (Murphy’s law!) of als iemand meer voordeel heeft of krijgt dan een ander breekt er jaloezie uit en verschijnt er in het op het eerste gezicht zo gesloten bastion een eerste barstje. Want deze mensen zijn immers niet in staat zijn om de ander iets te gunnen, dat is wat ze overeenkomen met elkaar. En dat geld dus ook voor hoe ze onderling met elkaar omgaan. Hannah Ahrendt verwoord het, geparafraseerd, “Dat een totalitaire staat als een monster is, dat haar eigen kinderen verslindt”.

    De enige onzekerheid is wanneer het kwaad zichzelf vernietigt? De factor tijd is niet op een rationele manier te voorspellen, hoogstens te voorvoelen. Juist die onvoorspelbaarheid is eigen aan complexe dynamische systemen. Mijn eigen voorspelling, voor wat het waard is, is dat ik verwacht dat tussen 2025 en 2030 de wereld ten onder gaat of een begin zal maken om ten goede te veranderen. Eerst de catharsis, dan het zoet. Want de volgende ‘small window of oppertunity’ zal zich dan pas over een X-aantal jaren pas aandienen.
    Ik kijk uit naar je boek.

    Met hartelijke groet, Dienand

    Antwoord
  13. Peter de Haan

    Zo pas de roman “Boze geesten” van Dostojevski weer herlezen : een verontrustend boek over het menselijk kwaad, en vooral over het soort mensen dat zich ver verheven voelt boven het “gewone” volk. En heel opvallend de overeenkomsten met de huidige tijd waarin het zelfde soort uit is op de vernietiging van de traditionele maatschappij, het gezin, God etc. Dit speelt zich dus af in het Rusland van de 19e eeuw!

    Antwoord
  14. Peter de Haan

    Sietske, ik ben het wel met je eens dat Desmet de kwaadaardigheid van een aantal lieden aan de “top” wat onderschat alsof iedereen altijd maar het willoze slachtoffer is van een soort hypnose.
    Zo pas de roman “Boze geesten” van Dostojevski weer eens herlezen: een verontrustend boek over het menselijk kwaad en vooral over het soort mensen dat zich ver verheven voelt boven het “gewone volk”. En heel opvallend de overeenkomsten met de huidige tijd, waarin hetzelfde soort uit is op de vernietiging van de traditionele maatschappij, het gezin, God etc. Dit speelt zich dus af in het Rusland van de 19e eeuw!

    Antwoord
    • Sietske Bergsma

      Dostojevski schijnt inderdaad een hoop licht op de zaak in zijn romans. Goed dat je dit noemt.

      Antwoord
  15. AntiSoof

    Hoi Sietske

    Ik heb het gevoel dat Desmet het kwaad wellicht iets onderschat.
    Mijn conclusie tot nu toe is dat het kwaad wel degelijk aanwezig is en gruwelijk gemeen is in zijn uitwerking. En wat mij opvalt is dat mensen bezeten door het kwaad, goed en fout op een overtuigende wijze weten om te draaien zodat goed fout lijkt en fout goed.
    Wanneer ik andere mensen in kwade vallen zie trappen, dan zie ik in die ander de onschuld van de goedheid. De goedheid vereist geen of weinig kennis, lijkt het.

    De televisie is een ultiem machtsmiddel van het kwaad. Dit hypnose-toestel staat borg voor het succes van het kwaad. Er wordt een wedstrijd met voorkennis gespeeld die de ‘onwetendheid’ altijd verliest. Natuurlijk geeft een mediaconsument het gewenste antwoord wanneer die daartoe een jaar lang a.h.w. gedresseerd is. En de televisie is misschien maar 10 procent van het arsenaal dat het kwaad aan communicatiekanalen ter beschikking heeft.

    Dat de toplieden -die het werk van het kwaad uitvoeren- onder invloed zouden zijn lijkt mij wel, als was het alleen al door drugs, seks of chantage, een hoog salaris of zoiets. Het (grote) kwaad lijkt mij uit intellectueel/religieuze hoek te komen. Die kant heeft onnoemelijk veel kennis en macht en de rijkdom om plannen te kunnen uitvoeren.

    De gewone mensen lijden vaak aan een soort -zeg- onschuldige ‘praatziekte’. Velen menen, lijkt het, dat ‘als we er over gesproken hebben, dan komt het wel goed.’
    Maar soms is dat juist niet zo, lijkt het. Het kwaad wíl dan juist dat er gesproken wordt over het kwaad. Dat geeft het kwaad juist meer macht omdat het de ander veel energie kost om alleen al over het kwaad te spreken.

    Bovendien, om je het kwaad wérkelijk voor te stellen is al helemaal ondoenlijk. Iemand zou meteen gek kunnen worden bij het innerlijk aanschouwen van het kwaad. En, om het je voor te kunnen stellen zou je eigenlijk zélf een beetje dat kwaad moeten worden. En we weten, waar je mee omgaat, daar wordt je mee besmet.
    Ergo, een verstandig mens houdt zich dom voor wat betreft het erge kwaad. Wat niet weet, wat niet deert.

    Maar buiten dat, ergens over spreken ontkracht iets soms een beetje. De scherpe kantjes gaan eraf. En soms wordt de wil iets te ondernemen ook juist ontkracht door te denken dat als iets ‘bekend’ is, omdat er over gesproken is, het wel goed komt, zo lijkt het. Voor kleine zaken kan dat zo zijn, maar voor het kwaad gelden soms andere regels, ook die van de logica.

    Het kwaad haat zijn eigen lafheid, is als de dood voor de liefde en de rechtvaardigheid. Want bij liefde smelt het kwaad tot wat het is, het kille armzalige niets. Misdadige kracht verschrompeld tot rimpels. Arrogantie wordt schaamte. Een grote bek in een schamper nep-lachje.

    Antwoord
  16. Kzeppos

    Uw kritiek getuigt van een zeer klare kijk !
    Mattias vindt het ‘ktitiek’ , ik vind het een zeer wijze aanvulling die ook hem verder brengt.
    Bedankt.

    Antwoord
  17. Martin Brinckman

    Ben heel blij met deze recensie van Sietske en ga daardoor dan ook dit boek niet lezen, omdat zij iets blootlegt wat Desmet (met alle respect) niet durft, nml. het beestje bij de naam noemen ! Desmet heeft het ook over complotdenken, maar dit is een pertinent onjuiste typering ! ; het is complot-herkenning of -analyse en niet het ‘bedenken’ of verzinnen door allerlei zgn. weirdo’s van zelf bedachte verhaaltjes, omdat ze zich zo vervelen, want bijna al die analyses blijken achteraf, maar ook real time keiharde feiten te zijn en wie durft het aan dit te beamen ? Gelukkig Sietske wel en daarom vertrouw ik Desmet niet helemaal eerlijk te zijn, zo de mensen halve waarheden verkondigt en eventuele kritische zoekers op een dwaalspoor probeert te brengen onder het wetenschap mom.
    Complot-ontkenner zijn, dat is dan wel het domste wat er is, want alles is geheim en zwart gelakt, maar nee hoor, geen complotten te zien !
    De mens is zwak en machteloos tegenover de gewetenlozen, de psychopaten, waar die andere sympathieke Belg zo goed over kan uitweiden en om hier tegenover verweer te hebben, moet men een rechte rug, durf en vooral kritisch zijn, iets wat helaas bij weinigen te vinden is..

    Antwoord

Een reactie versturen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.